Wouter Fioole

26-03-2021

De fietser als hybride auto met afterburner

Het gebeurde afgelopen weken weer regelmatig. Ik heb twee heerlijk lange ritten gemaakt, lekker 3 tot 5 uur in het zadel en een beetje vogeltjes kijken. Rit uploaden op Strava – natuurlijk een goede naam gegeven anders krijg ik geen kudo’s – en daarna languit op de bank liggend het wielrennen op TV kijken. Zeker in de periodes dat ik dit soort ritten upload (en met lopen 2x zo lang over 5 kilometer doe als mijn PR is) krijg ik regelmatig de vraag wat ik nu eigenlijk aan het doen ben. Of dit nuttig is? En of ik mijn vorm thuis had laten liggen?


Het antwoord is simpel, ik ben me hiermee voor aan het bereiden op de doelen die hopelijk komen. De uitleg waarom langzaam (of beter gezegd op lage hartslag) trainen goed is, is vaak lastiger aan leken en beginners uit te leggen. Wil je het helemaal precies weten, Google dan gerust een tijdje. Er is genoeg over te vinden en er zijn tal van sites die termen als aeroob, anaeroob, VO2MAX, FTP, SST, allerlei verschillende zones (waarbij Z1 bij de een wat anders is dan Z1 bij de ander, laat staan hoe dat zich nu tot D1 verhoudt), diverse omslagpunten en mitochondriën heel gedetailleerd uitleggen.

Zelf gebruiken we deze termen ook regelmatig, zoals recent in het artikel over hoe je van de wind je vriend kan maken. Maar de beginnende fietser ziet door de termen en net andere uitleggen vaak door de renners het peloton niet meer. Ben je een ervaren fietser (of kun goed Googlen), dan hoef je dit artikel niet te lezen. Wil je het écht precies weten, Google dan vooral nu verder op al deze termen, of neem contact op met een CycloWorld-beheerder Karen Oud, in het dagelijks leven professioneel wieler- en triathlontrainer. Een ander alternatief is de app van onze partner Fondo, waar je uitleg en trainingsschema's kan vinden. Maar is trainingsleer iets nieuws, dan helpt de manier waarop ik het aan mijn (fiets)vrienden uitleg jou wellicht ook om het idee beter te begrijpen en zo een betere fietser te worden.

Een hybride auto

Iedere fietser weet dat hij aan het einde van de rit nog wat in de spreekwoordelijke tank moet hebben. Je wilt niet degene zijn op wie iedereen de laatste 25 kilometer van een tocht na elke verkeersdrempel moet wachten. Wat je wil vermijden is - net als bij een auto - met een lege tank komen te staan. De fietser is echter geen "ouderwetse" auto met een type motor, maar een hybride auto met een afterburner.

De accu

Als je bij een hybride auto zachtjes optrekt, dan maak je alleen gebruik van de accu. Zolang je niet te snel accelereert en niet boven een bepaalde grens komt kan je heerlijk op die accu blijven draaien. Het vet in je lichaam en zuurstof zijn te vergelijken met de accu in een auto, met dat verschil dat deze in je lichaam eigenlijk nooit opgaat (zolang je blijft ademen).

Benzinemotor

Ga je sneller rijden of trek je te hard op, dan schakelt de auto vanzelf over op benzine, dat wat er in de tank zit. Dan kan je harder, maar de tank heeft veel minder capaciteit dan de accu. Je spieren en koolhydraten zijn te vergelijken met de benzine in je auto. Span je je meer in, dan schakelt je lichaam van vet en zuurstof, naar spier en koolhydraten. Je gaat harder, maar je tank raakt vlot leeg. Je kan wel bijtanken (eten en drinken), maar je kan de tank nooit zo snel aanvullen als je hem leeg trekt. Ergens een keer – hoe goed je ook eet – raakt de tank leeg.

Subscribe for our newsletter and receive the most most actual gran fondo news

* obligated


Afterburner

Tot slot heb je op de fiets ook nog een soort afterburner. Dat is als je echt heel hard gaat in een sprint of een heuveltje op knalt. Het zuur dat je dan in je benen voelt, werkt ook even als brandstof. Ook hier gaat de vergelijking met de afterburner bij gepimpte auto’s op. De afterburner werkt maar heel even heel hard en als je hem te veel gebruikt dan verzuip je de motor en doet hij helemaal niets meer. Voor de fietser geldt dit ook, eenmaal echt verzuurd kom je echt niet meer vooruit. Je kan deze afterburner op twee manieren inzetten; gedoseerd toevoegen aan je benzine of in 1x helemaal opgebruiken. In beide gevallen is deze brandstof uiteindelijk wel tussen de 5 seconde en 5 minuten op en zijn je spieren te verzuurd (verzopen) om nog vooruit te komen. Net als bij een auto kan je het “verzuipen” wel verhelpen door de motor even met rust te laten. Even in de verzuring trappen kan best, als je daarna je lichaam maar de tijd geeft om het zuur weer op te ruimen.


Train elke motor!

Het goede nieuws hier is dat in tegenstelling tot de auto, je jouw lijf kan trainen om elke soort brandstof langer en beter te benutten. Maar dan moet je dus wel dat energiesysteem trainen. Train je veel op je accu (laag aeroob), dan kan je na verloop van tijd langer en harder op je accu en schakelt je lichaam pas later om naar de benzinemotor. Dit komt omdat de accu van een fietser eigenlijk een hele boel kleine accuutjes zijn (mitochondriën) die door deze trainingen meer in aantal, groter en efficiënter worden. Door specifiek te trainen op een herhaling van langere blokken met een hoge hartslag kan je ook de kwaliteit van je benzinemotor verbeteren (hoog aeroob). Net als dat je het moment dat je lichaam overschakelt op de afterburner (het omslagpunt) kan trainen. Rijden net onder je omslagpunt is wat we de Sweet Spot noemen, dit is de plek waar je de krachtige brandstoffen het langst kan gebruiken zonder de motor op te blazen. Ook dit is te trainen door Sweet Spot Trainingen (SST). Ook kun je trainen hoe lang je de afterburner kan gebruiken als mix met de benzine (anaeroob). En zelfs je afterburner kan je trainen door herhalingen van hele korte en hele felle aanzetten (anaeroob ATP). Maar deze onderdelen echt trainen doe je dus wel alleen als je per training heel gericht op een onderdeel traint. De deur uit, moe worden en klaar is wel lekker, maar qua training niet meer dan de oude auto met 1 motor in stand houden. Daar word je uiteindelijk niet heel veel beter van. Afwisseling is dus belangrijk. 

Zorgen dat je wat in de tank houdt!

Waarom dit belangrijk is? De meeste van ons willen in de eerste plaats genieten van de tochten die we maken. Train daarom vooral veel op de accu. Lage hartslag, hoge cadans! Je hebt dan meer tijd en energie over om te genieten van de omgeving, te praten met je wielervrienden. En – belangrijk – je hebt dan altijd genoeg in de tank om goed met de groep over de klim te komen en de afterburner nog even aan te zetten om je wiel toch stiekem als eerste van je groep over de eindstreep te drukken.

Fan of CycloWorld!

Become our Ambassador

Do you enjoy coming here, and do you think you can make a nice contribution to CycloWorld? We are always looking for ambassadors who want to help us deliver content.

Related posts